Historie
Het begon met een zandkopje en een bos
Waar nu de Markt is, lag ooit een zandkopje boven het moerasland een zogeheten donk. Eromheen stroomden de Dommel en de Aa, en er groeide een groot eikenbos dat als jachtgebied van de hertogen van Brabant diende. Die hertogen gaven de stad zijn naam: des Hertogen bosch. Tijdens carnaval heet de stad nog steeds Oeteldonk en donk verwijst precies naar dat zandkopje onder de Markt, waar jij nu misschien een biertje drinkt.
Wist je dit? De Markt staat letterlijk op een 10.000 jaar oud zandkopje uit de laatste ijstijd. Dat is ouder dan de stad, ouder dan de hertogen en ouder dan de Bossche bol.
Van handelsdorp tot vestingstad (1185–1318)
Rond 1185 stichtte hertog Hendrik I een nederzetting op de plek waar al druk gehandeld werd. Dat was bijzonder: de meeste steden groeiden destijds rondom een klooster of boerderij, maar Den Bosch begon als marktplaats. Hendrik zag ook het militaire belang: de stad moest de meest noordelijke vesting van Brabant worden, een muur tegen Gelre en Holland. Stadsrechten volgden snel, en veel andere Nederlandse steden kopieerden het Bossche recht als voorbeeld. Den Bosch was op Utrecht na de grootste stad van wat nu Nederland is.
In 1203 leerden ze het de harde manier: het nog slecht beschermde stadje werd door Gelre en Holland platgebrand. Daarna ging het snel. Nieuwe muren, aarden wallen, en vanaf 1318 een compleet nieuwe omwalling langs de Aa en de Dommel die in grote lijnen het huidige centrum creëerde.
De geheime waterwegen onder je voeten
Toen de stad in 1318 werd uitgebreid, moest het nieuwe stadsgebied worden opgehoogd tegen overstromingen. De riviertjes die daarna binnen de wallen kwamen, raakten in de loop der eeuwen overkluisd: huizen werden er gewoon overheen gebouwd. Het resultaat? Een uniek stelsel van ondergrondse watergangen, de Binnendieze, dat dwars door de binnenstad kronkelt. Een van de weinige van zijn soort ter wereld en het loopt letterlijk onder jouw wijk door.
Tip: je kunt de Binnendieze verkennen per kano of op een rondvaartboot. Veel Bosschenaren die hier al jaren wonen, hebben het nog nooit gedaan, terwijl het een van de coolste dingen is die de stad te bieden heeft.
De grootste belegering van de Tachtigjarige Oorlog (1629)
In de zestiende eeuw raakte Den Bosch verwikkeld in de Tachtigjarige Oorlog. Twee keer probeerde prins Maurits de stad in te nemen, twee keer faalde hij. Zijn broer Frederik Hendrik slaagde er in 1629 wel in, met een belegering die bijna niet te geloven is: hij verlegde de Aa én de Dommel, wierp een dubbele ringdijk op en legde de polder met honderden paardenmolens droog. Met meer dan 30.000 soldaten. Na drie maanden capituleerde de stad. Den Bosch werd onderdeel van de Republiek, en voor bijna twee eeuwen verdween de godsdienstvrijheid.
In 1815, na de Franse tijd, werd 's-Hertogenbosch officieel hoofdstad van de provincie Noord-Brabant.
Bronnen: Stadsarchief 's-Hertogenbosch · groetenuitdenbosch.nl · Pijnenburg & Slegers